skip to Main Content

Trainingen

Duurtraining ter verbetering van de cardiorespiratoire fitheid
Het hoofddoel van duurtraining is het verbeteren van het aerobe inspanningsvermogen. Daarnaast kan het ook helpen in het wennen aan trainen, het voorkomen van uitputtingsgevoelens zoals bij intensieve trainingen gebeurt en het winnen van vertrouwen. Uitgaande van de gedachte dat je graag een goede basis wilt hebben voor een effectieve training is duurtraining een voor de hand liggende optie bij PICS patienten. Bij voorkeur zou je de duurtraining willen doen rondom of (zeker bij aanvang) onder de anaerobe drempel. In de praktijk zien we dat duurtraining al gauw gedaan wordt met een te hoge intensiteit, waardoor de patiënt dit  niet kan volhouden, gefrustreerd raakt en geen verbetering laat zien.

Vanuit de werkgroep REACH wordt aanbevolen om de eerste duurtrainingen op een lage intensiteit uit te voeren 40-50% Hfmax. Hierbij moet het voor de patiënt eerst mogelijk zijn om 10-20 minuten achter elkaar te kunnen fietsen alvorens de intensiteit te verhogen of over te stappen naar intervaltraining. Ook in latere fases van de training verdient het de aanbeveling om bijvoorbeeld 1x per week een rustige duurtraining te blijven doen. Wanneer er een goede basis van een duurconditie aanwezig is kan intervaltraining worden overwogen. Wanneer duurtraining niet mogelijk is kan als alternatief worden gedacht aan meer accent op krachttraining (spieruithoudingsvemogen) of eventueel intervaltraining.

Monitoring kan gebeuren aan de hand van hartfrequentie en Borg (indien geindiceerd ook door saturatie en bloeddruk). Uitgaande van de hartfrequentie reserve ligt de trainingsintensiteit normaliter tussen de 40-60%, of een score van 4 of 5 op de gemodificeerde Borgschaal, of een maximale hartfrequentie 50-80%. Vanuit het onderzoek van Major werd de suggestie gedaan om de duurtraining uit te voeren rondom 70% van de gemiddelde hartslag tijdens een 6 minuten looptest.

Tools
[volgen nog]

Intervaltraining
Intervaltraining kan een aanvulling zijn op duurtraining. In een enkele geval kan het zelfs bij de start van het trainingsprogramma de voorkeur genieten boven duurtraining. Denk in deze uitzonderlijke gevallen bijvoorbeeld aan ernstig pulmonaal of cardiaal beperkte patiënten. Als arbitraire voorwaarde voor intervaltraining wordt aangehouden dat een patiënt minimaal 10-15 minuten een duuractiviteit moet kunnen uitvoeren alvorens over te gaan op zwaardere trainingsvormen zoals intensieve duurtraining en intervaltraining. De gedachte achter intervaltraining vanuit fysiologie is dat er zowel aandacht besteed wordt aan het aerobe vermogen als op het anaerobe (maximaal) vermogen.

Bij intervaltraining gaat de afwisseling tussen 2 niveaus. Op het lage inspanningsniveau moet de patiënt kunnen uitrusten van het hoge niveau. Het aerobe systeem moet hierin met name aangesproken worden en ligt tussen de 40 en 70% van de maximale hartfrequentie in. Het hoge inspanningsniveau spreekt met name het anaerobe systeem aan en ligt tussen de 80-100% van maximale hartfrequentie. De verhouding tussen lage- en hoge inspanning ligt meestal in de orde van 2:1, met een tijdsduur van respectievelijk 2-3 minuten en 10-60 seconden. De mogelijke variaties hierop zijn ontelbaar. Het verdient de aanbeveling om: te starten met 2 weken opbouw met relatief korte periodes op een hoge intensiteit (bijv. 15 sec >80%), lange periodes op een lage intensiteit (2 min op 40%)  en vier tot max 8 herhalingen. Monitoring van de inspanning vindt plaats op basis van de hartfrequentie en/of Borg.

Tools
[volgen nog]

Krachttraining
Perifere spierzwakte is een van de kenmerkende eigenschappen van PICS patiënten. Krachttraining kan in 3 vormen worden onderscheiden. Ten eerste de traditionele vorm waarbij spiergroep per spiergroep lokaal wordt getraind. De tweede vorm gaat meer uit van het trainen van spierketens. De spier wordt getraind in de keten van spieren gelijk aan de specifieke activiteit of beweging. Hierbij wordt bijvoorbeeld ook gekeken naar open en gesloten ketens. De benen meestal in gesloten keten, de armen in open keten. De derde vorm gaat nog een stapje verder. Training vindt plaats binnen de gevraagde functie en situatie. Over hoe de meest optimale krachttraining eruit moet zien bij PICS patiënten bestaat geen consensus. Het REACH netwerk heeft een voorkeur voor functionele training, onder de voorwaarde dat er een bepaalde basis aanwezig is. Functionele training wordt in de literatuur omschreven als een trainingsvorm waarbij bewegingen, oefeningen, gelinkt worden aan bewegingen uit het dagelijkse leven of uit de sport die je beoefent. Functionele krachttraining lijkt daarmee te verwijzen naar de tweede en derde vorm. De eerste vorm kan in aanvang gebruikt worden om voorwaarde te scheppen voor functionele training.

Trainingsfrequentie voor krachttraining is 2 keer per week
Armen worden in het ADL met name gebruikt in open ketens, dus ook training in open keten. Terwijl voor benen meer het principe geldt van gesloten keten. In aanvang kan gekozen worden voor 50% van het 1-RM, wellicht met een opbouw van 2 weken van 30-40% 1 RM). Het gaat bij aanvang met name om de coördinatie, de neurale aansturing, de veiligheid van training en het wennen aan de belasting op de gewrichten. In het algemeen wordt een opbouw aanbevolen tot 70-80% 1RM,  2-3 sets met 10-12 herhalingen.
Er bestaat bij gezonde personen ook bewijs van effectiviteit voor 1 set, met lagere intensiteit, gecombineerd met een aantal herhalingen tot uitputting. Dit zou mogelijk gebruikt kunnen worden indien je de patiënt niet wilt blootstellen aan de belasting van een 1-RM test. Monitoring vindt plaat ten aanzien van het optreden van gewrichtspijn tijdens de oefening en spierpijn na de oefening.

Tools
[volgen nog]

Circuittraining
Bij circuittraining wordt een fullbody schema doorlopen, waarbij meerdere oefeningen voor het hele lichaam achter elkaar worden uitgevoerd. De rust tussen de oefeningen bestaat uit het lopen naar de volgende oefening. Circuittraining heeft dus als doel om de kracht en het uithoudingsvermogen te vergroten. Voor het verhogen van je (maximale) kracht is het beter om meer rust te nemen tussen de sets. Voor beginners is circuittraining een prima middel om spiermassa mee op te bouwen.

Bij de meeste vormen van circuittraining worden eerst de grote spiergroepen getraind en dan pas de kleinere spiergroepen. Vaak bestaat een circuittraining uit negen tot twaalf verschillende oefeningen. Deze kunnen meerdere keren herhaald worden. Per oefening worden meestal tussen de acht en de twintig herhalingen uitgevoerd op een inspanning van 40 tot 60 procent van je maximale kracht. Circuittraining is prima geschikt in groepsverband.

Tools:
[ volgen nog]

Back To Top
×Close search
Zoeken